Slim en veilig bouwen: de zoektocht naar duurzame oplossingen in de bouwsector.

Hoe minimaliseer je materiaalgebruik zonder in te leveren op veiligheid?
Voor constructeur Eline Dolkemade, is dit spanningsveld een dagelijks vraagstuk in haar werk. Veiligheid staat voorop en tegelijkertijd krijgt duurzaamheid een steeds belangrijkere rol.
Zoeken naar de juiste balans
Gebouwen moeten een gemiddelde levensduur van 50 tot 100 jaar hebben. Om dat te kunnen waarmaken hebben we gebouwen nodig die robuust en veilig zijn. Tegelijkertijd moeten we ook nadenken over duurzame bouw, waarbij minder materiaalgebruik gewenst is. Volgens Eline ligt hier een belangrijk vraagstuk in de bouw: Hoe passen we materialen zo toe dat we een duurzame oplossing bieden én veilige constructies garanderen?
"Bij construeren gaat het in eerste instantie om veiligheid, daarna komt duurzaamheid pas. Je kunt dus niet zomaar je vloer dunner maken om minder materiaal toe te passen.”
Voor bouwen met minder materiaalgebruik is zeker ruimte. Dit vraagt om een stap terug naar de basics, welk materiaal past het meest efficiënt op welke plek? “Naar mijn idee heeft het meest efficiënte ontwerp ook het minste materiaal.”
Wanneer er in een ontwerp veel aandacht is besteed aan het materiaalgebruik is het van belang dat deze gedachte tot en met de uitvoering wordt meegenomen: “Het verbreden van een funderingsbalk en dus ‘onzin beton’ toepassen, omdat dit bijvoorbeeld makkelijker is met bekisten terwijl dit constructief niet nodig is, zouden we niet meer moeten doen.”
Leren door stappen te zetten
Duurzaam bouwen is lang niet meer enkel een ambitie. Volgens Eline moet er om stappen te maken ook geëxperimenteerd worden met materialen en technieken, zoals bijvoorbeeld hergebruik. “Soms moet je het gewoon een keer doen, want als we blijven roepen 'ja, het kan, maar we doen het niet,' dan boeken we geen vooruitgang.”
Een mooi voorbeeld van zo’n project met herbruikbare materialen is Doorlaatpost 90 Schiphol. Het was één van de eerste toepassingen van hergebruikt staal, wat voor Eline een mooi leerproces was.
“Ik ben blij dat we een keer hergebruikt staal hebben toegepast. Nu ik er ervaring mee heb, kan ik bij het volgende project beter advies geven.” Ondanks de leerpunten die terugkwamen vanuit het Schiphol project, is het zetten van een stap het belangrijkste.
Eline voelt dat duurzaamheid overal speelt en er meer wordt gevraagd naar andere manieren van bouwen. “Ook opdrachtgever stellen nu CO₂-eisen aan de projecten, waardoor duurzaamheid meer begint te leven en de hele sector er mee aan de slag wil. Iedereen weet dat er beter gekeken moet worden naar materialen en materiaalgebruik, maar wanneer er vanuit alle kanten van de bouwsector mee aan de slag wordt gegaan, wordt het ook voor iedereen beschikbaar en gemeengoed.”
Een nieuwe centrale rol voor duurzaamheid
Eén ding is duidelijk voor Eline: het gesprek rondom duurzaamheid en remontabel bouwen is veranderd. Zo duurzaam mogelijk bouwen wordt steeds meer de norm. Alle partijen zien tegenwoordig de urgentie.
"Het toepassen van hergebruikt materiaal of rekenmethodes als de MPG leken tien jaar geleden, toen ik nog studeerde, vergeefs. Nu zie je dat daar verandering in komt omdat de doelen voor 2030 steeds dichterbij komen. Ik merk dat ik energie krijg om hiermee bezig te zijn, juist omdat er ook echt vraag naar is vanuit opdrachtgevers."
Verduurzaming staat centraal in de gesprekken in de bouwsector. Door samen de strijd aan te gaan tegen materiaalobesitas zetten we als sector stappen in de juiste richting. “Iedere specialist is ergens goed in. Door met z'n allen harmonieus te werken kunnen we echt iets bijzonders neerzetten.”